Ziggo geeft contractklanten €2,50 korting op ESPN, en dat is geen toeval
In dit artikel:
Ziggo voegt per 1 juli extra ESPN‑kanalen (ESPN 2, 3 en 4) toe aan het standaard tv‑pakket en verhoogt daarvoor de prijs met €2,50 per maand. Klanten met een lopend 12‑ of 24‑maandencontract krijgen van Ziggo tot het einde van hun overeenkomst precies dat bedrag als compensatie. Die maatregel is volgens het artikel minder een vrijgevigheid dan een juridische keuze: door te compenseren voorkomt VodafoneZiggo dat duizenden klanten hun abonnement kosteloos kunnen opzeggen.
De reden ligt in artikel 7.2 van de Telecommunicatiewet: eenzijdige, nadelige wijzigingen van contractvoorwaarden geven consumenten het recht om direct en zonder kosten te stoppen, ook tijdens een vaste contractperiode. De Autoriteit Consument & Markt (via ConsuWijzer) bevestigt die uitleg; alleen een jaarlijkse inflatiecorrectie binnen CBS‑bandbreedtes is toegestaan zonder opzegrecht. Afspraken in algemene voorwaarden die dit opzegrecht uitschakelen zijn nietig, en ook Europees consumentenrecht biedt extra bescherming. Daarom is de €2,50‑korting juridisch gezien een noodzakelijke tegenprestatie, niet louter marketing.
Zonder deze compensatie zouden vaste contracthouders – en niet alleen voor tv maar voor het hele bundelpakket (internet plus tv) – massaal kunnen opstappen, wat VodafoneZiggo met circa 3,27 miljoen tv‑klanten (jaarcijfers 2025) flinke omzetverlies zou opleveren. De korting is daarom commercieel goedkoper dan een golf van opzeggingen.
De oplossing is echter niet waterdicht: klanten zonder vast contract krijgen geen compensatie en betalen vanaf 1 juli direct de volledige verhoging; zij kunnen wél met de reguliere maandopzegtermijn vertrekken als zij het er niet mee eens zijn. Bovendien wijzigde Ziggo per 1 mei 2026 zijn algemene voorwaarden met een nieuw open beding dat extra maandelijkse verhogingen bovenop inflatie mogelijk maakt. Recente rechtszaken (onder meer een vonnis tegen KPN in 2024 en een uitspraak tegen Vattenfall in april 2026) tonen dat zulke brede wijzigingsclausules mogelijk in strijd zijn met Europees recht.
Kortom: de €2,50‑korting voor contractklanten fungeert als een verkapte juridische verplichting om massale kosteloze opzeggingen te voorkomen. Of die constructie juridisch en toezichthoudend duurzaam is, blijft onzeker; voor veel vaste klanten is de praktische uitkomst echter dat zij gecompenseerd worden en na afloop van de contracttermijn maandelijks kunnen opzeggen.